Vader:
Gerrit N.N.
Moeder: NN
- Geboren: vóór 1580
- kinderloos
- Overleden: na 8 juni 1615 (ongeveer 35 jaar oud)
ONA Amersfoort, not. J. van Ingen AT002a001 fol. 403-406 [recordnr 11118], 8-6-1615: lijftocht van Evert Gerritszn en Catharina Hulsbosch, borgers van Amersfoort, met brieven van octroy 6-12-1589 en 20-7-1590.
Evert vermaakt aan zijn vrouw de lijftocht van al zijn bezittingen, uitgezonderd de lijftocht van de hoff met getimmerte, in de Walickersteech (de derde hoff van de groote poort af, beginnende aan de put), door de comparant aan Anna Somers (dochter van zijn broer Jan Gerritszn) vermaakt, zodanig dat deze hof direkt na zijn dood ten profijte van Anna komt, waarvoor zij gedurende het leven van comparants huysvrouw (Catharina) haar 4 gulden jaarlijks zal betalen en zijn huysvrouw zal de schuur en huisjes die in de verdere hof staan (onder de lijftocht begrepen) "mitsgaders die doornen vreden en plancken vreden" enzovoorts, wel onderhouden. Catharina heeft al haar bezittingen in lijftocht vermaakt aan haar man. Zij secluderen de weeskamer van Amersfoort.
Catharina vermaakt al haar na te laten goederen, na expiratie van de lijftocht die haar man zijn leven lang zal genieten, als volgt: zij vermaakt al haar bezittingen aan haar broer Matheus Hulsbosch, of bij zijn overlijden aan zijn echte geboorte. Komt hij zonder geboorte te overlijden en zijn de dan door hem geerfde goederen nog niet door hem "verteert", dan vererven deze op Christiaen Hulsbosch en Geurtgen (ook Goortgen) Lubberts (comparantes neef en nicht, kinderen van Catharina Hulsbosch, haar ooms dochter en huysvrouw van Lubbert Gerrits). Bij overlijden zonder geboorte, vererft het op de langstlevende van beiden. Zij institueert hen hiermee als haar erfgenamen, onder conditie dat indien haar voornoemde erfenis door dood van Evert, haar man, en Matheus , haar broer, zonder echte geboorte na te laten, gekomen zal zijn op Christiaen en Goortgen of hun erfgenamen, deze gehouden zullen zijn de volgende legaten uit te betalen:
- de kinderen van Rutger Michiels (wonend te Gennip) of hun kinderen, de helft van de lijfrente die zij met haar man op de 6 zonen van Jan Gerritszn. (haar mans broer; de zonen: Pouwels, Gerrit, Jacob, Dirck, Henrick en Willem) gekocht hebben, dat wil zeggen datgene dat straks over is; de andere helft daarvan competeert Evert G., haar man;
Voorts nog de som van 400 gulden aan geld of rentebrieven (ter keuze aan de erfgenamen);
- Hester Somers, "haar geweesde meecht", 50 carolus guldens, behalve als Hester dit reeds bij een eventueel huwelijk van haar heeft gekregen;
- de kinderen en kindskinderen van respectievelijk Marten Michiels en comparantes oom (wonend te Soest in Westfalen), de som van 300 gulden;
- Elisabeth Hulsbosch (haar ooms dochter) of bij overlijden haar kinderen, de som van 50 car. gulden eens, waarmee Elisabeth ook afstaan zal van al hetgeen de comparante na zal laten;
- de kinderen en kindskinderen van Jan Roosterman, de som van 100 gulden, waarmee zij eveneens zullen afstaan.
Deze legaten zullen binnen 10 tot 12 maanden moeten worden betaald, welverstaande dat indien Matheus Hulsbosch de goederen had verteerd, er niets meer uit te keren valt. Zij wil dat alles wat nog tot vermindering of vermeerdering van genoemde legaten door haar wordt beschreven, geacht wordt tot dit testament te behoren. Indien iemand hiertegen protesteert, dan zal zijn aandeel komen te vervallen ten profijte van de armen. Getuigen: Henrick Noeyen (tekent: Hendrick Noyen Gerritzn), Gerrit Henrickzn en Cornelis Gijsbertzn.
ORA Amersfoort, Transportregisters, inv. 436-13, 31-1-1610: leningnemer: Jan Aertsz Bosch en Aeltgen Martens e.l., leninggever: Evert Gerritsz en Catharina Hulsbosch, lening: 125 gulden, onderpand: hof en hofstede en huis aan de Langestraat, bel. 1: de erfgenamen van Beernt Schaij, bel. 2: Rijck Cornelisz van Diest; opmerkingen: In de marge: Evert Gerritsz verklaart van Jacob van Dam, eigenaar van de hypotheek, de schuldsom ontvangen te hebben, akte 29-10-1615.
ONA Amersfoort, not. J. van Ingen AT002a002 fol. 51 [recordnr 10204], 7-10-1618 (o.s.): Akkoordverklaring van Evert Gerritsz, borger van Amersfoort. Hij verklaart, het protest dat zijn broeder Lubbert Gerritsz namens hem in Antwerpen voor not. Pouwels van der Perre en getuigen heeft gedaan op 8-10-1618 (n.s.), geratificeerd te hebben en ook de insinuatie daarop (=gerechtelijke aanzegging door de deurwaarder), aldaar gedaan aan Adriaen Smiths. Getuigen: Teel Servaesz en Henrick Thysz.
Relaties:
- Gehuwd (Schepenbank) met Catharina Hulsbosch (<1580->1634)
Huwelijk: op 17 augustus 1599 te Amersfoort
permalink:
https://wilschut.nl/gdp/index.php/pers/get/1-21515
Gekopieerd!