Lenen hofstede Stoutenburg, leen 26: De tiende, (1572: gaande uit een erf, behorend aan het convent St. Agatha en uit een erf, behorend aan Hendrik van Westreenen), wild en tam van het gehele goed te Middelaar (1572: in het gerecht Stoutenburg), 3-11-1488: Jacob van Dolre bij overdracht door Gijsbert van de Camp (A fol. 124v, 3 fol. 62); 24-11-1513: Wouter de Beer Egbertsz voor Deliane, dochter van Jacob Freyse van Dolre, zijn vrouw, bij overdracht door haar vader (A fol. 124v en fol. 125 blad, 3 fol. 62).
LSTIC leen 38: In den gerichte van der Eem dat erve to Voerbroec mitten steenhuze c.a., 11-3-1481: jonge Jacob van Dolre na opdracht door Jacob van Dolre de oude, zijn oom; eodem kent lane weduwe Deric van Dolre lijftocht toe aan de helft van het leengoed; 29-7-1479: eed vernieuwd; 8-3-1515: idem kent heer Dierick van Dolre, priester, lijftocht toe aan het gehel leengoed, onder voorwaarde dat het goed na heer Diericks dood aan Jacops rechte leenvolger zal komen; 11-3-1518, 6-7-1529: eed vernieuwd; 10-12-1533: heer Dierick van Dolre, priester, na dode zijns vaders Jacob Freys van Dolre, hulder: meester Henrick Pijl, licentiaat in de rechten.
permalink:
https://wilschut.nl/gdp/index.php/pers/get/1-27606
Gekopieerd!