Middeleeuws Vlechtwerk

Goort van Snuel

Vader: Aart van Snuel
Moeder: Elisabeth Joachimsdr
  • Geboren: ± 1562
  • rentenier, raad te Amersfoort tussen 1593-1623, schepen tussen 1602-1629, weesvader en dispensier
  • Overleden: op 13 november 1634 (ongeveer 72 jaar oud) (overluid in de Domkerk) te Amersfoort

19-3-1578: Goort van Snuel wordt na de dood van zijn vader beleend met de tienden uit Ubbelschoten, Daatselaar, Wagensveld, Wittenoord, Overeem en Abbelaar onder Renswoude. Hulder tot zijn mondige dagen is Gerrit van Achtevelt. Op 2-7-1597 draagt hij de helft van de tienden onder Renswoude op aan Alexander Marcelis [A.J. Maris, Repertorium op de Stichtse Leenprotocollen uit het landsheerlijke tijdvak, I, p.281].
1593-1629: Geurt van Snuel is raad in 1593, 1594, 1600, 1601, 1604, 1608, 1609, 1622 en 1623, schepen in 1602, 1603, 1607, 1610-1616, 1618, 1624-1626 en 1629, cameraar in 1617 en 1619-1621, en weesmeester in 1627 en 1628. 1594: Het erf ?Groot Snuel?, gelegen op het Hoogland, behoort aan Guert Aertsz van Snuel [Wittert van Hoogland, Utrechtsche
ridderhofsteden en heerlijkheden, I, p.607/615].
8-5-1595: Aan Goert van Snuel wordt 100 gulden gegeven ?op renten om daer van den ontfanger van de incomsten van de Vrouwen Cappel jaerlicks te betalen ses gulden vyf stuvers? [Rek. OLV kapel Amersfoort/Nav 1924, p.192 e.v.].
1597: Goert van Snuyel neemt lijfrenten bij de stad Amersfoort ten lijve van zijn kinderen Willem (3 jr), Jochem (1 jr), Lysbeth (10 jr), Geertghe (8 jr) en Luthrina (6 jr) [Stadsrekening Amersfoort].
23-2-1608: Henrick Corneliss van Rijn Goert van Snuel en Thomas ten Borch, voor henzelf en als man en voogden van hun vrouw; samen voor de nagelaten kinderen van zaliger Rijck Cornelisz, hun broer en zwager, verkopen aan Henric van Speulde en
zijn erven een stuk land gelegen aan vijf kampen tussen de Eem en de Utrechtsepoort, genaamd Vissersland, eertijds behorend aan Willem de Wijs Reijerss, met bepalingen tot land van Jan Cranen en Peter Jansz in de Vlasakkers en de Amersfoortse Eng, en op last van twee schepel zout per jaar aan het Sint-Petersgasthuis [Transportregister Amersfoort 436-13].
11-6-1609: Arent Joachims Boldewijn maakt een testament. Hij vermaakt aan zijn neef Goert van Snuel 6 morgen land in Erckemeden in de kerspel van Nijkerck en de hofstede Wyendiriop, leengoed van de Edele Vrouwe van Elten. Verder legateert hij
aan Goert van Snuel de helft van t rechte derdedeel van de ?hoff en huysken staanden in de Conincxstraat?. Zijn neef Aert van
Snuel krijgt 50 carolus guldens, Elisabeth van Snuel krijgt ook 50 carolus guldens en de andere twee kinderen van Goort van Snuel, Cornelis en Reyertgen, krijgen elk een rosenobel. Verder vermaakt hij geld en een zilveren lepel aan Elisabeth, zijn nicht, huysvrouw van Johan van Deuverden, onroerend goed en een zilveren beker, gekomen van zijn grootmoeder Elisabeth de Haes, en
nog een dubbele gouden rosenobel met een "hefgen" met silver beslagen, bij hem en zijn vader eertijds gedragen, aan zijn petekind
Joachim van Curler, en een rentebrief en een derde van het hof en huisje in de Conincqstraat aan de 2 kinderen van Paeschier Janszn. van Louveseyn, verwekt bij Truychgen Lubbertsdr, zijn overleden nicht. Ook vermaakt hij geld aan zijn dienstmaagden en de armen. Omdat Henrickgen, zijn moeye, bij haar testament gewild had dat hetgeen hij van haar zou erven na zijn dood zou komen op Goort van Snuel en zijn erven, zo verklaart Arent Boldewijn dat Goort van Snuel content zal moeten zijn met hetgeen hem in dit testament is gelegateerd. Hij institueert tot zijn erfgenamen de drie kinderen van Gosen van Curler en zijn zuster Geertgen Joachims: Lubbert (ook geheten Boldewijn), Arent en Henrick van Curler. Zij zullen alles wat hij nalaat erven, waaronder ook een derde deel van het hoff en huysken in de Conincqstraat. [Notaris J. van Ingen, Amersfoort, AT 002a001 folio
81V-82V].
1611: Guert van Snuel huurt goederen van de St.Joriskerk [Rek. St.Joriskerk].
3-6-1616: Johan van Speulde als rentmeester indertijd van de armen genaamd de Poth, verkoopt aan Goort van Sneul een huis genaamd de Pellicaen op de Singel, gelegen omtrent de Kamperbinnenpoort. Op dezelfde dag verkoopt Steven Cooth then Bergh, als rentmeester indertijd van t armenweeshuis aan Goort van Sneul een schuur op de Singel bij de Kamperbinnenpoort. Op 5-6-1616 verkoopt hij huis, hofstede en schuur aan Cornelis Jansz de Jonghe [Transportregister Amersfoort 436-15].
23-9-1620: Goort van Snuel is lidmaat van gereformeerde kerk. Zijn kinderen zijn niet gereformeerd gedoopt.
7-7-1623: Goordt van Snuell, oud-dispensier van het Armenweeshuis, transporteert aan Reyer Brantsz en Henrickgen
Willemsdochter zijn vrouw, een huis, hof en hofstede met alle getimmerte daarbij behorend, op de hoek van het monnikenpad [Papenhoffstede], zuid: het kerkhof, noord: Beatris van Waal, west: de Papenhofstede, oost: de Appelmarkt en de Nieuwe markt, 3
gulden, 4 stuivers per jaar aan St. Joriskapittel [Transportregister Amersfoort; 436-16].
23-1-1624: Goort van Snuel treedt op als oom en gekoren momber op met Elisabeth Cornelis, weduwe van Johan van Duverden, in leven schout van Amersfoort, bij het transport van een rentebrief [ONA Amersfoort, not. J. van Ingen AT002 fol.337v].
1624: In de nominaties voor Amersfoortse raden, etc, staat met een toelichting voor de Staten van Utrecht: ?Goort van Sneul, gaet
ten Avondtmael, leeft op zijn renten, tamelijck rijck, is camelaer geweest wel vier jaren? [J.G. Smit (1992) De magistraat van Amersfoort in 1623 en 1624, NL p.301].
20-10-1624: Goort van Snuel c.s, requirant, versus Henrick Both, te Amersfoort. Rechtzaak i.v.m. successie [Civiele rechtzaken
Hof van Utrecht, inv.nr. 166-25].
7-11-1626: Goort van Sneul voor hemzelf voor de ene helft en Frans Jacobs en Cornelis Camp als mombers over de onmondige
kinderen van zaliger Catharijntgen Jan Nagelsdochter voor de andere helft, transporteren aan Jan Theunss, bleker, zijn vrouw en hun erven, een huis, hof en hofstede aan de Singel, met al wat aard- en nagelvast is, op last van 100 gulden [Transportregister
Amersfoort; 436-16].
26-6-1636: Scheiding van de erfenis van Goert van Snuel en van zijn zoon Aert, door Elisabeth, Reyertgen en Cornelis van Snuel [ONA Amersfoort, not. C. van Ingen].
21-4-1643: Clemens van Dashorst als vader van de onmondige kinderen bij hem en zaliger Reyertgen van Sneul; mede Henric van Colenberch en Henric van Rhijn als mombers van die kinderen van moederszijde voor een vierde part; gemachtigde Willem van der Nijpoort, deken van t Kapittel van St. Marien te Utrecht en Juffrouwe Elisabet van Sneul zijn vrouw voor een vierde part (procuratie te Utrecht). Voor Catharina Ewoutsdochter, weduwe van Cornelis van Sneul en als moeder en momber over haar kinderen voor een vierde part (procuratie te Amsterdam). Willem van Deuverden, schepen als curator over de erfenis van Aert van Sneul voor resterende part in de erfenis, verkopen uit de nalatenschap van Goort van Sneul, aan de Regenten van het
Armenweeshuis, 2 vierdelen land aan de Hogeweg, gelegen tussen Jacobgen Paschiers en Otto van Gessel [Transportregister
Amersfoort 436-19].

Relaties:


permalink: https://wilschut.nl/gdp/index.php/pers/get/1-28491 
Kopieer permalink
Gekopieerd!

PHP uitvoer: GensDataPro 3.0.7