LBER leen 9, de helft van een tiende te Beek c.a., 22-5-1551: Jutta van den Paidefoirt, na doode van haar broeder Johan, die leenvolger was van zijn vader Johan, die een zoon was van wijlen Ot van den Padefoirt, welke Johans beiden onbeleend waren gestorven, en na overeenkomst met haar stiefbroeder Geryt van Yrdt. Haar man Evert van den Zande is hulder, hierna draagt zij het leen op aan haar oom Henrick van den Paidefoirt Ottensz.
LBER leen 141, den Wolberinchof c.a. in het kerspel Gendringen, buurtschap Wiken, groot 130 maldersaets, 22-5-1551: Evert van den Zande t.b.v. van zijn vrouw Jutta van den Paidefoirt, oudste zuster en erfgename van Johan van den Paidefoirt, die wederom leenvolger was van zijn vader Johan, zoon van Ot van den Paidefoirt vnd., doch welke beide Johans in verzuim geweest waren, en na een vergelijk met Geryt van Yrst, halfbroeder van moederszijde van den laatst overleden Johan; draagt het leen op t.b.v. haar oom Henrick van den Paidefoirt.
LBER leen 316+315, de tiende te Duffelward, met de kerkgift en 9 morgen land gen. die Droitboem,3 morgen lands gelegen in Duffel in den kirspel ... ende heit Ritpasch, 22-5-1551: Evert van den Zande namens zijn vrouw Jutta van den Paidefoirt, na doode van haar broeder Johan - die de erfgenaam was van zijn vader Johan, die weder de zoon was van Otte vnd., doch welke Johans beide onbeleend waren gebleven - en na magescheid met haar halfbroeder Geryt van Yrdt; 30-7-1616: Ricqwyn van den Sande Ricqwinssoen, onmondig.
permalink:
https://wilschut.nl/gdp/index.php/pers/get/1-33738
Gekopieerd!