NL 1992:305, nr. 48: voor de raadsbeoordeling gekwalificeerd als "geringer man van conditie, compt somtijts ter kercke", zwager van Henrick Heymensz van Estvelt (nr.35) en Willem van Schaijck (nr.37).
ONA Amersfoort, J. van Ingen AT 002a003/fol.50. Attestatie: 17-06-1628: Jan Rutgerszn, borger van Amersfoort, verklaart "bij ware woorden" in plaats van eede, op verzoek van Jan van der Borch Anthoniszn., dat zij beiden in mede-geerfd land in de Haar gekocht hebben van de kinderen van zaliger Gerrit Bode, een stuk land dat deze kinderen eveneens hadden mede-geerfd. Tevens een oud huis op dit land. Ca 4 jaar geleden is dit oude huis door zware ijsgang en inwerking van water weggedreven en is door hen beiden een nieuw huis getimmerd dat hen ruim 500 gulden heeft gekost. Hij verklaart nog dat hem bekend is dat Jan van der Borch 8 kinderen in leven heeft, waarvan 2 kinderen zijn uitgehuwelijkt die ook geboorte in leven hebben. Hij wil dit met de eed gestand doen. Getuigen: Henrick Aertszn. van Os en Wulphert Peelen (Pelen).
ONA Amersfoort, J. van Ingen AT002a003/fol.50v-51. Attestatie: 22-06-1628: Dirck Jansz Roelen, timmerman, en Bart Jansz, metselaer, borgers van Amersfoort, verklaren "bij ware woorden" ter verdediging van Jan van der Borch Anthoniszn., dat omtrent 17 of 18 jaar geleden, toen Dirck J. Roelen timmerknecht was van zaliger Harman Roeloffzn. (timmerman) en Bart Janszn., knecht van zaliger Jan Zegerzn. (metselaer; zijn vader), zij mede hebben helpen timmeren en metselen een huysinge op het erf in Aschat van Jan van der Borch c.s., omdat de oude huysinge van ouderdom was vervallen en onbruikbaar. Hetgeen daar is vertimmerd en gemetseld, aan hout, balken enzovoorts en arbeidsloon bedraagt tussen de zes en zevenhonderd gulden. Zij willen dit, indien verzocht, met de eed gestant doen. Getuigen: Evert Jacobz Helt en Gosen Willemz van Veen.
ONA Amersfoort, not. J. van Ingen AT002a003/fol.190-190v, 19-12-1630: Johan Anthonisz van der Borch draagt over aan Henrick van Esfelt en Margareta van der Borch e.l. zijn recht op een kapoen jaarlijks uit land buiten de Koppelpoort, geërfd van zijn tante Marrichgen Jan Stevens, in ruil dragen de e.l. aan hem inkomsten uit verschillende huizen over, geërfd van Jacob Peter Stevensz (neef van Estfelts huisvrouw).
ORA Amersfoort, Transportregisters, inv.436-16, 22-3-1623: Johan van der Burch Anthoniss en Evertgen Rammen e.l. transporteren vijf vierdel morgenland in een blok omtrent Isselt; idem 11-2-1624: een hypotheek waarvan ?100,- is afgelost bij Johan van der Borch en Evertgen Rammen e.l.; idem 21-2-1624: Jan Verburch en Evertgen Rammen e.l. nemen een lening op van ?800,-, onderpand: huis, hof en hofstede in de Langestraat en een huis, hof en hofstede in de Utrechtsestraat (het huis "den Ram"); idem 13-4-1630: Jan van der Borch en Evertgen Rammen e.l. nemen een lening op van ?175,-, onderpand: huis, hof en hofstede in de Langestraat; idem inv.436-18, fol. 58, 22-8-1637: transport van de helft van een plecht in hoofdsom van ?400,-, gevestigd door zal. Johan van der Borch Thonissen en Evertgen Rammen e.l. in een huis, hof en hofstede in de Langestraat.
31-5-1626: Jan van der Borch Thonisz, gemachtigde van de erven van Lourens Huijgensz Poortman voor de ene helft (procuratie Hof van Utrecht); Goort van Snuel; met Gerrit van Dashorst Willemsz namens Willemtgen zijn vrouw; samen erven van Geertruijt de Wijs zaliger [NB zij is de dochter van Evert de Wijs] voor de andere helft, verkopen aan Jan Dircxs, zijn vrouw en hun erven, een loods of huis, met grond daarbij, met al wat daarin aard- en nagelvast is, in de Nieuwstraat.
Idem inv. 436-16, 28-7-1627: verkopen zij aan Willem Albertsz van Lockhorst een huis, hof en hofstede in de Haag, tegenover het klooster Marienhof, op last van 11 stuivers per jaar aan de vicarie, waarvan Jan Holt tegenwoordig eigenaar is.
Idem inv. 436-16, 20-12-1625: leningnemer: Jan van der Burch en Evertghen Raanen(!) zijn vrouw, leninggever: Willhem Moy en Judith van Rijn zijn vrouw, lening: 500 gulden, onderpand: 1) huis, hof en hofstede in de Utrechtsestraat, 2) huis en hofstede in de Langestraat, bel. 1: 1) Peter Jansz, 2) Jan Peterss van Colenberch, bel. 2: 1) Jan Corneliss, 2) Willhem Corneliss, bakker, Opmerkingen: In de marge: "ick onderstaande" (Cle van Haeften?) getrouwd met Albertina Moij, mede erfgenaam van Willem Moij en Judith van Rijn in leven echtelieden; verklaar mijn deel van de plechte van Cornelis Boelhouwer ontvangen te hebben, akte 20-5-1671.
Idem, 436-16, 2-9-1628: transport van een windmolen met huis, hof en hofstede en het land daarbij, buiten de Arnhemse poort, genaamd de Croon, belast met 36 stuivers per jaar aan Jan van der Borch Thonisz.
Idem, inv. 436-16, 13-4-1630: Leningnemer: Jan van der Borch en Evertgen Rammen zijn vrouw, Leninggever: Willem Moy, brouwer, zijn vrouw en erven, Lening: ?175,--; onderpand: huis, hof en hofstede in de Langestraat, bel.: Jan Petersz van Colenberch, Willem Cornelisz Backer.
Idem, inv. 436-16, 22-4-1630: verkoper: Jan Verborch en Evertgen Kammer zijn vrouw, koper: Wouter Geurtsz en Aeltgen Thonis zijn vrouw voor ¾ portie en Thonisz en Borchgen Saren zijn vrouw voor ¼ part, Omschrijving: een huis, hof, en hofstede met schuur en vrije steeg, genaamd "den Rham", van de Utrechtsestraat tot achter aan de hof van Doctor Peter Schade, bel. 1: Jan Cornelisz, smid, bel. 2: Peter Jansz Both, Opmerkingen: Op last van 800 gulden aan erven zal. Jan van Berck, schout van Leusden; 500 gulden aan Willem Moy, brouwer.
Idem, 436-18 fol. 58, 22-8-1637: transport van constituantes helft van een plechte in hoofdsom van ?400,--, gevestigd door zal. Johan van der Borch Thonissen en zijn vrouw Evertgen Rammen, in een huis, hof en hofstede aan de Langestraat.
APOTH regest 616 (inv. 842), 1605 maart 14 stilo consueto: Volcken Meynertss Saes, schout, Cornelis Breuniss en Jacob Gosenss, schepenen van Bunschoten, oorkonden dat Elias Peterss en Johan vander Burch voor zichzelf en hun vrouwen en Arnoldus Oortcampius, gemachtigde van Johan Ram en Margaretha Ram, mede namens de voogden van de onmondige kinderen van Philips Ram en tenslotte namens Evert Ram en zijn zuster Rycklant hebben overgedragen aan Dirck van Westrenen, rentmeester, en Dirck van Crachtwyck, broeder, namens de Poth het achtste deel van twaalf dagmaten land te Velde, gemeenschappelijk eigendom met Alert Meynss opt Hoogelant en de Poth, strekkende van de Veenstraet naar het westen, van ouds genaamd Hoversland, aan de noordzijde begrensd door het land van Jan Janss Weegen, ten zuiden dat van Willem Jans de Roij. Oorspr. Met zegels van de oorkonders, het tweede en derde enigszins beschadigd.
permalink:
https://wilschut.nl/gdp/index.php/pers/get/1-21696
Gekopieerd!