1-7-1557/3-1-1564: Aert van Snuel wordt na de dood van resp. zijn vader Goort van Snuel en van zijn neef Evert van Dolre [de zoon van Jacob Everts van Dolre en zijn zus Deliana van Snuel] beleend met de twee helften van de tienden uit Ubbelschoten,
Daatselaar, Wagensveld, Wittenoord, Overeem en Abbelaar onder Renswoude. Hij herenigt de helften overeenkomstig het bepaalde bij de belening van 19-3-1556 dat de beide stukken weer één leengoed zouden worden als zij in handen van één persoon zouden komen. Zijn zoon Goert wordt hiermee beleend op 13-5-1577 [A.J. Maris, Repertorium op de Stichtse Leenprotocollen uit het
landsheerlijke tijdvak, I, p.280].
1572: Opten vijfthiende februarii anno [1500] LXIX hebben die kerckmeesters van dier tijt beleendt van Harman Joestenssz een rentebrieff spreeckende opt erf genamp Clein Snuel, gelegen opt Hogelandt, nu ter tijt tobehorende Aert van Snuel cum sociis met de somme van drehondert 12 ½ gulden Hollants hoeft somme, waervan de renthe jaerlix beloipt vijftien gulden en 12 ½ stuver ende verscinen jaerlix Bartholomei na breeder inhoudt der brieven daervan zijnde ende wert dese renthe alle jaer betaelt bij Aert
van Snuel voerscreven. Facit 15 gulden 12 ½ stuvers [Rekening kerkmeesters St.Joriskerk 1572-1573].
1562: Aert van Snuel, wonend in de wijk Langestraat, betaalt 7 stuiver emmerengeld [Stadsgerecht Amersfoort, beh.nr.12, inv. 407-1].
13-5-1577: Momberstelling over de kinderen van wijlen Aert van Snuel [Resolutieboek Amersfoort 1544-1577].
permalink:
https://wilschut.nl/gdp/index.php/pers/get/1-28497
Gekopieerd!